Wat is borstkanker?

Algemeen

Borstkanker is een kwaadaardige (maligne) ontaarding van het borstklierweefsel.

Inwendig bestaat de borst voornamelijk uit klier-, bind- en vetweefsel. Het klierweefsel bevat een twintigtal melkklieren. Elke klier mondt via een kanaal uit onder de tepel. De klieren worden van elkaar gescheiden door bindweefseltussenschotten. In de meeste gevallen ontstaat de ontaarding in de melkgangen en minder vaak in het klierweefsel zelf. Zeldzamer zijn tumoren ter hoogte van de tepel, in de huid, in de spiercellen onder de tepel, in het bindweefsel of in de bloed- en lymfevaten.

 

Risicofactoren

Het is niet altijd duidelijk waarom borstkanker ontstaat, maar bepaalde factoren kunnen het risico verhogen:

  • Leeftijd: de kans stijgt naarmate je ouder wordt
  • Erfelijke aanleg: borstkanker in de familie of bepaalde genen (zoals BRCA1/2)
  • Hormonale invloeden: langdurige blootstelling aan oestrogeen en progesteron
  • Levensstijl: alcoholgebruik, roken en overgewicht
  • Omgevingsfactoren: vrouwen in westerse landen hebben gemiddeld een hoger risico

Een risicofactor verhoogt enkel de kans, maar betekent niet dat iemand zeker borstkanker zal krijgen.

Symptomen om op te letten

De volgende signalen kunnen wijzen op borstkanker (maar vaak zijn ze onschuldig):

  • Een knobbeltje of zwelling in de borst of onder de oksel
  • Pijn in de borst
  • Veranderingen aan de tepel: schilfering, intrekking of vochtverlies
  • Veranderingen aan de huid: intrekkingen, kuiltjes, roodheid of zwelling
  • Verandering van de borstvorm

Zie je een verandering? Blijf er niet mee zitten en raadpleeg je arts. Alleen verder onderzoek kan duidelijkheid geven.

Belang van zelfonderzoek

Ongeveer 9 op de 10 borstgezwellen worden eerst door vrouwen zelf opgemerkt.
Door je borsten regelmatig te controleren, kun je vroegtijdig veranderingen ontdekken, wat de kans op genezing vergroot.

Hoe doe je een borstzelfonderzoek?

  • Beste moment: ongeveer een week na je menstruatie (of maandelijks op een vaste dag na de menopauze)
  • Liggend: leg een kussen onder je schouder en voel met de drie middelste vingers van je andere hand de borst af in cirkelbewegingen
  • Staand (bijv. onder de douche): herhaal het onderzoek, vooral richting de oksel
  • Voor de spiegel: bekijk je borsten met armen omhoog en in je zij. Let op kuiltjes, intrekkingen of kleurveranderingen

Merk je iets op dat afwijkt van normaal? Ga naar je arts. Vroegtijdige opsporing redt levens.